Hoe klimmen? - Intro

Op klimmen moet je je voorbereiden als Nederlander. Wij zijn op een enkele uitzondering na geen klimgeiten van nature. Dat geeft niet. Klimmen kun je leren. Door ervaring, maar misschien ook wel met enkele tips die ik je hier geef.
We praten hier wel over echt klimmen, dus niet over de Cauberg of de Col d'Amerongen die je op kracht kunt halen, omdat ze niet zo lang zijn. Nee, het gaat over klimmen van minstens 10 km. met percentages van boven de vier. Een klim van 4% moet je, als je echt kunt/wilt klimmen, toch bij een goede conditie in een half uur halen. Om meteen daarna verder te klimmen.
Je krijgt hier twee volle pagina's tekst met tips, besef ik, maar er valt eigenlijk nog veel meer te vertellen.

Afvallen

De voorbereiding op klimmen bestaat ten eerste uit afvallen. Weg met overtollige kilo's die als louter ballast om je buikwand hangen. Omlaag met vetpercentages van 14 of hoger. Een wielrennerstruc (na de winterstop) is 's ochtends zonder ontbijt op de fiets stappen en dan op 60 tot 75% van je maximum (of iets minder) rijden. Dat houdt in op een hartslag van (maximaal) 3/4 x 220 minus je leeftijd, bijvoorbeeld 220-40=180x0,75=135 voor een veertigjarige. (Recent onderzoek betwist deze vuistregel en zegt dat de maximale hartslag hoger kan zijn bij iemand met een goede conditie.) Zonder hartslagmeter betekent het in ieder geval gewoon stevig doorrijden met een redelijk hoge cadans (dus lekker de benen laten draaien). Dit mag je dan hoogstens anderhalf uur doen zonder eten in je maag. Je mag ondertussen wel water drinken.
Mijn vrouw doet dit (vanwege haar zittende bestaan) driemaal per week een halfuurtje op een stadsfiets, wat haar drie tot vier kilo in gewicht scheelt. Je kunt dit bijvoorbeeld doen als je op de fiets naar je werk gaat en dan in je baas zijn tijd gaat ontbijten.

"En danseuse"

De meneer op de foto rechts klimt uit het zadel. "En danseuse" rijden noemen ze dat in Frankrijk. En onze tip is: kom bij het klimmen zo nu en dan even uit het zadel ter afwisseling. Je maakt dan bij het klimmen gebruik van je lichaamsgewicht om het pedaal makkelijk omlaag te duwen.
Dat doe je op twee manieren. Je brengt je bovenlijf boven het pedaal of je duwt de fiets tussen je benen schuin naar links of rechts, zodat je bovenlijf vanzelf boven een van de twee pedalen komt. In de praktijk hanteer je vaak vanzelf een combinatie van die twee methoden. Zie de fietser hierboven rechts.
Uit het zadel ontlast je even wat spieren en overwin je korte stukken of bochten die ineens steiler zijn zonder dat je hoeft terug te schakelen.
Normaal gesproken moet je bij klimmen op tijd terugschakelen zonder dat er een maximale kracht op de pedalen staat. Vaak doen mensen het te laat en dan hoor je de ketting kraken over de tand-wielen. Iemand raakt zo zijn tempo kwijt en moet dan van de fiets.
Tot slot: zorg dat je bij het klimmen net als Lance Armstrong een redelijk hoge cadans aanhoudt. Als je onder de 60 pedaal-wentelingen per minuut zit, verspil je kracht. Dan had je allang lichter moeten schakelen.

   


Tips

Ik zal ze nooit vergeten, mijn eerste klimmen, langs de kustweg van Ajaccio op Corsica naar Bastia. Te beginnen met een lange rechte weg die in 4 km. 200 mt. omhoog ging. Het hart zat in mijn keel, de benen trilden van oververhitting.
Ik hijgde als een karre-paard. Ik wou weer naar huis. Deze fietsvakantie was een vergissing. Het is toch nog goed gekomen, maar ik heb wel bij moeten leren.

Hier wat kleine tips. Begin rustig. Het duurt meestal zo'n 20 minuten voor je de goede combinatie van tempo en ademhaling gevonden hebt. Rij je eigen tempo, ga niet mee in het snellere spoor van een ander.

Drink regelmatig water of een sportdrankje (neem 2 bidons mee). Eet ook regelmatig onderweg. Stap rustig af om dat te doen en om even van het uitzicht te genieten. Je bent hier tenslotte voor je plezier.

Hou boven op een col even rust om je hartslag te laten normaliseren. Zo begin je geconcentreerder aan een afdaling.